Mobiel Vlaanderen

Nieuwe Europese richtlijn Eurovignet kan niet door de beugel



BRON : Kabinet van Kathleen Van Brempt, Vlaams minister van Mobiliteit, Sociale Economie en Gelijke Kansen
DATUM : 15-04-2005
TEKST : Vandaag gaf de Vlaamse regering, op initiatief van Vlaams minister van Mobiliteit Kathleen Van Brempt, een negatief advies aan de nieuwe Europese richtlijn over het Eurovignet. De richtlijn regelt hoeveel de lidstaten aan vrachtwagens mogen vragen voor het gebruik van hun weginfrastructuur en hoe ze dit mogen doen. Vandaag wordt dit in Vlaanderen geïnd door een vignet met name het Eurovignet dat geldt voor binnenlandse en buitenlandse vrachtwagens op onze wegen.

"De nieuwe richtlijn zou het duurzame mobiliteitsbeleid dat we in Vlaanderen willen voeren, fnuiken. De heffing zou namelijk enkel gebaseerd zijn op de investeringen die landen doen (of gedaan hebben) in hun weginfrastructuur, en niet op de investeringen in duurzaam vervoer, zoals vervoer over het water, over het spoor of openbaar vervoer. Hierdoor worden landen aangespoord om vooral in weginfrastructuur te investeren. Omdat dit het enige is dat lidstaten mogen aanrekenen aan de weggebruikers. Op die manier wordt een duurzaam mobiliteitsbeleid afgeremd. Want waarom kiezen voor een tweebaansvak met daarnaast een spoorvoorziening, als er meer inkomsten te halen zijn uit een driebaansvak en geen spoorvoorziening?" aldus minister Van Brempt.

Dit advies wordt uitgebracht aan de federale regering. Donderdag 21 april wordt er immers over de richtlijn gestemd in de Europese Raad.

Volgende elementen komen in de nieuwe richtlijn naar voor:

- Met de nieuwe richtlijn zou het onmogelijk worden om het bedrag te laten variëren op basis van milieu, congestie, verkeersveiligheid, tijdstip, enzovoort. Op die manier kan een heffing nooit mobiliteitssturend en milieuvriendelijk zijn. En dus kan de nieuwe richtlijn niet door de beugel.
- In de richtlijn is een mogelijkheid voorzien om bovenop het normale toltarief een extra verhoging te vragen voor specifieke gevallen, bijvoorbeeld kwetsbare gebieden. In de nieuwe richtlijn kan deze verhoging wél voor bergstreken, maar niet voor stedelijke gebieden. Ondanks het feit dat deze laatsten al veel te lijden hebben onder de verkeersdrukte. Ook dit is voor Vlaanderen onaanvaardbaar.
- De berekening van de heffing en dus het bedrag dat vrachtwagens moeten betalen, zal enkel gebeuren op basis investeringen in weginfrastructuur. Waardoor landen eerder worden aangezet om te investeren in weginfrastructuur, omdat ze dit kunnen laten meetellen in de heffing.

Voor Vlaanderen zijn de opgesomde elementen zoals ze nu in de richtlijn staan onaanvaardbaar. Van Brempt: "Door deze nieuwe richtlijn zouden we het bedrag niet meer kunnen laten variëren wegens milieu-, mobiliteits- of verkeersveiligheidsredenen. Zouden we ook geen extra vergoeding kunnen krijgen voor al het buitenlandse vrachtvervoer dat op onze wegen rijdt. En zouden we geen voordeel halen uit onze investeringen in duurzaam vervoer, in tegendeel ervoor gestraft worden. Dat gaat radicaal in tegen het mobiliteitsbeleid dat Vlaanderen wil voeren, namelijk een beleid gericht op het stimuleren van duurzame mobiliteit en meer verkeersveiligheid."

Meer info:
Sara Vercauteren, persdienst minister Van Brempt, 02/552.63.69 of 0495/21.56.69