Mobiel Vlaanderen

Nood aan meer verkeerseducatie in het secundair onderwijs. Van Brempt verhoogt budget naar 1,3 miljoen euro



BRON : Kabinet van Katleen Van Brempt, Vlaams minister van Mobiliteit, Sociale Economie en Gelijke Kansen
DATUM : 23-04-2007
TEKST : Er is meer nood aan permanente verkeerseducatie in het secundair onderwijs. Dat blijkt uit de resultaten van een enquête die de VAB en de Vlaamse Stichting Verkeerskunde (VSV) in opdracht van Vlaams minister van Mobiliteit Kathleen Van Brempt uitvoerden. Ze presenteerden de resultaten vandaag 23 april naar aanleiding van het vijfde Vlaams Congres Verkeersveiligheid, een organisatie van de VSV en het Steunpunt Verkeersveiligheid. Zo blijkt verkeerseducatie slechts in 1 op 5 secundaire scholen een permanent aandachtspunt te zijn. De helft van de scholen werkt projectmatig aan verkeerseducatie. Nochtans zijn jongeren uit het secundair onderwijs een gevoelige doelgroep. Ze zijn oververtegenwoordigd in de ongevallencijfers. Van alle leeftijdsgroepen heeft de groep van 15 tot 24 jarigen veruit de grootste kans om gedood of zwaargewond te raken bij een verkeersongeval. Kathleen Van Brempt trekt daarom het totale budget voor verkeerseducatie en sensibilisatie op van 700.000 euro naar bijna 1,3 miljoen euro. Waarvan bijna 1 miljoen euro via de VSV zal besteed worden. Daar bovenop gaat Kathleen Van Brempt nog extra middelen voor verkeersveiligheid van jongeren opnemen in de begroting.

Kathleen Van Brempt: “Jongeren zijn een gevoelige groep op het vlak van mobiliteit. Niet alleen omdat ze veel mobiliteit nodig hebben, maar ook omdat ze prominent aanwezig zijn in de ongevallenstatistieken. Het aanbod verkeerseducatie voor deze groep moet versterkt worden. Zowel binnen de schoolmuren als daarbuiten. De Vlaamse Stichting Verkeerskunde krijgt van mij dan ook extra middelen om de inspanningen naar deze doelgroep te vergroten. Dit betekent dat vanaf 2007 het totale budget voor verkeerseducatie zal worden opgetrokken tot bijna 1,3 miljoen euro.”

Frank Vandenbroucke: "Projectmatig werkt een meerderheid van de secundaire scholen aan verkeerseducatie, maar op permanente basis zijn het er bepaald minder. Secundaire scholen scoren dus minder goed dan het basisonderwijs (enquête rond 1 september 2006). Nochtans is de leeftijd van 12 tot 18 even belangrijk: als jonge maar nog onervaren weggebruikers nemen ze voluit deel aan het dagelijkse verkeer. Ook de snelheid verhoogt, zeker als men na 16 met de bromfiets gaat rijden.

Secundaire scholen, waar het onderwijs in vakken opgedeeld is, moeten tal van "vakoverschrijdende" thema’s opnemen: milieu-educatie, opvoeden tot burgerzin, gezondheidseducatie, enz. Maar dat kan geen reden zijn om de matige aanpak van het thema verkeerseducatie op zijn beloop te laten. Samen met minister Van Brempt zal ik de werkgroep van koepels en deskundigen op korte termijn bijeenroepen om na te gaan hoe de situatie kan worden verbeterd. In ieder geval moet het vele materiaal dat tal van organisaties aanmaakten gebundeld aan de scholen worden aangeboden. Van secundaire scholen en koepelorganisaties verwacht ik bovendien stevige engagementen, en wel op korte termijn."

Verkeerseducatie gebeurt te weinig stelselmatig

258 secundaire scholen (ongeveer een vierde) werkten mee aan de schriftelijke enquête van de VSV en VAB. Er is een gelijkwaardige vertegenwoordiging van de verschillende graden en onderwijstypes. Hieronder worden de resultaten van de enquête weergegeven.

De studie van VAB en de VSV toont aan dat verkeers- en mobiliteitseducatie veelal enkel via eenmalige projecten aan bod komt en dus geen permanent aandachtspunt is.

- 1ste graad 2de graad 3de graad
Permanent 21% 19% 17%
Projectmatig 52% 54% 60%

Verkeer en mobiliteit zijn in het secundair onderwijs opgenomen in vakoverschrijdende eindtermen. Dat soort eindtermen houdt een inspanningsverplichting in, maar geen resultaatsverbintenis.

Slechts 1 op 5 scholen onderricht het verkeersreglement

Secundaire scholen moeten volgens eindterm 12 in de derde graad aandacht besteden de voorbereiding van het theoretisch rijexamen. In werkelijkheid voldoen daar weinig scholen aan.

De resultaten van de VAB-VSV studie:
  • in 19% van de scholen krijgen alle klassen lessen over het verkeersreglement.
  • 51% van de scholen stellen zelf dat hun inspanningen slechts beperkt zijn.
  • 30% van de scholen heeft nog nooit lessen over de verkeersregels ingericht.
De bevraging toont aan dat verkeers- en mobiliteitseducatie veelal enkel via eenmalige projecten aan bod komt en dus geen permanent aandachtspunt is.
  • Op het vlak van verkeers- en mobiliteitseducatie hebben de scholen geen resultaatverbintenis, maar enkel een inspanningsverbintenis.
  • De scholen hebben niet genoeg middelen ter beschikking (tijd, geld en educatief materiaal).

Om de situatie te verbeteren stellen de Stuurgroep Onderwijs van de VSV en VAB het volgende voor:
  • Verkeers- en mobiliteitseducatie moet resultaatgebonden worden, dus niet langer vrijblijvend.
  • Verkeersopleiding moet in zijn totaliteit gefinancierd of gesubsidieerd worden door de overheid.
  • Er moet professionele ondersteuning komen bij het begin van elk leerproces.
Het trainen van verkeersvaardigheden, verkeersinzichten en attitude moet continu gebeuren.

Jongeren: gevoelige groep in het verkeer

Jongeren kennen een substantieel verhoogd ongevallenrisico. Ongeveer 1 op 2 van de doden in deze leeftijdsgroep zijn autobestuurders. Andere belangrijke categorieën zijn passagiers van personenwagens (1 op 5) en in mindere mate bromfietsers (10%), motorrijders (9%) en fietsers (6%). Het aandeel voetgangers (3%) is duidelijk beperkter. Mannelijke autobestuurders in de categorie van 18 tot 24 jaar hebben een dodelijk risico dat dubbel zo groot is als het risico voor vrouwelijke bestuurders. In de periode van 1995 tot 2005 evolueerde de verkeersveiligheid voor deze doelgroep wel in gunstige zin. In 2005 bedroeg het aantal slachtoffers bij jongeren nog ongeveer twee derde van het aantal in 1995. De doelstelling van het Mobiliteitsplan Vlaanderen, namelijk in 2010 maximum nog 55 verkeersdoden in de leeftijdsgroep -26 jaar of een daling met 60% in vergelijking met 1999, lijkt zo binnen bereik te liggen.

Vlaams Congres Verkeersveiligheid: kinderen en jongeren centraal

Om de hierboven geschetste problematiek onder de aandacht te brengen, zetten de VSV en het Steunpunt Verkeersveiligheid het Vlaams Congres Verkeersveiligheid dit jaar in het teken van kinderen en jongeren in het verkeer. Het congres wordt dit jaar al voor de vijfde maal georganiseerd en vindt plaats in de eerste United Nations Global Road Safety Week en in dezelfde week als de European Road Safety Week, waarmee ook op internationaal niveau aandacht gevraagd wordt voor jongeren in het verkeer.

Meer info

Vlaamse Stichting Verkeerskunde
Stijn Dergent
015-44.65.55 – 0472-69.88.89
stijn.dergent@verkeerskunde.be

Kabinet Vlaams minister van Mobiliteit Kathleen Van Brempt
Steve D’Hulster
02-552 63 41- 0478 78 06 46
steve.dhulster@vlaanderen.be